• Wijnand Burger

Monoloply vorming

Wie houdt er niet van om een harinkje of portie kibbeling op het strand of op de boulevard te eten? Vroeger volstond een houten haringkar, die alleen haring en een enkele zure bom verkocht. Tegenwoordig trekken de meest luxueuze verkoopwagens langs de vloedlijn. Ook de armoedige houten schuurtjes, die vroeger op de boulevard stonden, zijn vervangen. De mobiele verkooppunten doen thans voor een mondaine winkel niet onder. 

Voor zo'n verkoopplaats moet je natuurlijk een vergunning van de gemeente hebben. De Europese Unie schrijft tegenwoordig voor dat iedereen in aanmerking moet kunnen komen voor zo'n vergunning, Open aanbesteding heet dat. Onredelijk is dat natuurlijk niet. We willen geen monopolies meer.

Toch lijkt de gemeente daar anders over te denken. De EU schrijft weliswaar voor dat een vergunning een beperkte geldigheidsduur moet hebben. Dat moet dan wel redelijk zijn, want de investering moet terugverdient worden. De gemeente bepaalde het termijn op 10 jaar. Een door de gemeente ingehuurde taxateur, die later vastgoedmakelaar bleek, vond dat het kon. Alle venters en standplaatshouders vonden van niet. Want zou een nieuwe ondernemer het risico willen lopen om voor tien jaar zo'n investering te doen? Met trekker en opslagruimte kost dat al gauw enkele tonnen. Dat moet dan in tien jaar terug verdiend worden. 

Maar de gemeente werpt nog meer barrières op. Ze bepaalt dat de vergunning niet overdraagbaar is (uitgezonderd aan familie). In geval van ziekte of invaliditeit zit je dus met je dure wagen en trekker in je maag. Zonder een vergunning zijn die niet veel meer waard.  

Met een tweedehandswagen kom je er ook niet. Ook daar ligt de gemeente weer dwars: Ze stelt allerlei selectiecriteria bij de aanvraag: Het concept moet bijvoorbeeld vernieuwend zijn en een toeristisch attractieve waarde hebben. Een speciaal Team Vergunningen gaat dat beoordelen. Nou vind ik ambtenaren die een onderneming moeten beoordelen hetzelfde als een monnik die een bordeel moet keuren. Ik hou mijn hart vast. Ik weet nog goed hoe ze een donker holletje gepland hadden als ingang van parkeergarage centrum. Ze vonden het nog gek ook dat hij jarenlang leeg bleef.

Ook de slagerij, vis en poelierswagens op de markt krijgen hetzelfde probleem. Die vlees, kip of vispaleizen doen tegenwoordig niet meer onder voor de winkels van de nog aanwezige middenstanders. Een vergunning voor maar tien jaar is voor nieuwkomers bijna niet te doen. Is het in tien jaar terug te verdienen? Zijn de al aanwezige marktlui dan niet in het voordeel? Die hebben al zo'n kar en kennen de markt. 

Wanneer de gemeente dan ook nog het aantal vergunningen op het strand gaat halveren, is er maar één conclusie: De EU wil van monopolies af en de gemeente Zandvoort voert ze via een achterdeurtje gewoon weer in.

Wijnand Burger