• Eigen Foto

Kinderen van 0 tot 4 jaar in regio Kennemerland eten te weinig groente

REGIO In totaal 86 procent van de 0 tot 4-jarige kinderen in regio Kennemerland eet dagelijks fruit en 61 procent eet dagelijks groente. Toch eet een minderheid van de kinderen elke dag genoeg groente en worden er nog vaak zoete drankjes gedronken. Dit en meer blijkt uit een deelonderzoek van de Kindermonitor 2018. GGD Kennemerland onderzocht daarmee voor het eerst de gezondheid, leefstijl en welzijn van alle 0 tot 4-jarigen in regio Kennemerland. De GGD werkte daarbij samen met JGZ Kennemerland. Ouders van ruim 4.400 kinderen tot 4 jaar deden mee met het onderzoek.

Het overgrote deel (97 procent) van de 1- tot 4-jarigen in de regio Kennemerland ontbijt dagelijks. Het andere deel, naar schatting ongeveer 500 kinderen, ontbijt niet elke dag. Daarnaast drinkt 80 procent van de 0- tot 4- jarigen dagelijks water, eet 86 procent dagelijks fruit en eet 61 procent dagelijks groente. Toch is ook daar nog winst te behalen. Zo drinkt 61 procent van de kinderen één of meer keer per week zoete drankjes en eet 60 procent van de 1- tot 4-jarigen niet dagelijks de aanbevolen hoeveelheid groente. Naarmate kinderen ouder worden, drinken ze vaker zoete drankjes en eten ze minder vaak dagelijks groente. 

Van de 1 tot 4-jarigen speelt 73 procent gemiddeld minstens een half uur per dag buiten. Toch geeft ruim de helft van de ouders aan dat er in de omgeving belemmeringen zijn om buiten te spelen. Een gebrek aan speelplekken in de buurt wordt het meest genoemd, gevolgd door teveel verkeer en gevaarlijk water. Ook beeldschermen zoals de tv en de tablet bieden concurrentie. Van de 0- tot 4-jarigen gebruikt gemiddeld 5 procent meer dan 2 uur per dag een beeldscherm. Deze kinderen spelen minder vaak buiten. In totaal zit 48 procent van de 0- tot 4-jarigen gemiddeld meer dan een half uur per dag achter een beeldscherm. Op 2- en 3-jarige leeftijd heeft 8 procent van de kinderen overgewicht. Dit is berekend op basis van door ouders zelf ingevulde lengte en gewicht van het kind. In bijna 9 op de 10 gevallen zijn ouders zich niet bewust van het overgewicht van hun kind. Zij vinden zelf dat hun kind een normaal gewicht of zelfs ondergewicht heeft, terwijl het kind op basis van de door hen opgegeven lengte en gewicht te zwaar is.

Bij 9 procent van de kinderen hebben ouders behoefte aan deskundige hulp of advies bij de opvoeding. 6 Procent krijgt al hulp, het andere deel nog niet. Zij hebben nog geen hulp gezocht, nog niet gevonden of staan op een wachtlijst. Ouders die de opvoeding (zeer) moeilijk vinden, krijgen vaker hulp of advies van professionals dan andere ouders. Ze krijgen echter niet vaker steun of hulp van familie of vrienden, bijvoorbeeld in de vorm van oppas of advies. 

Veel uitkomsten van het onderzoek zijn ongunstiger voor kinderen van wie de ouders moeilijk kunnen rondkomen. Deze kinderen hebben bijvoorbeeld vaker slaapproblemen, hebben vaker nog last van het meemaken van een ingrijpende gebeurtenis en wonen vaker in een huis waar wordt gerookt. Bij 8 procent van de kinderen hebben ouders moeite om rond te komen. Dit is zelfs 27 procent bij kinderen van wie beide ouders geen betaald werk hebben, 23 procent bij kinderen die niet bij beide ouders wonen en 18 procent bij kinderen van wie beide ouders laag zijn opgeleid. 

De Kindermonitor bevat nog veel meer resultaten voor 0- tot 4-jarigen, bijvoorbeeld in hoeverre ze zindelijk zijn, hoeveel dagen per week ze naar de opvang gaan, en bij hoeveel kinderen er in huis wordt gerookt. Alle resultaten voor de 0 tot 4-jarigen zijn te vinden in de Gezondheidsatlas van GGD Kennemerland op www.gezondheidsatlaskennemerland.nl. Daar staan tevens de resultaten van de Kindermonitor voor de totale onderzoeksgroep 0 tot 12-jarigen.