• Archief

Samenwerking Heemstede en Bloemendaal werkt positief

HEEMSTEDE De samenwerking tussen de gemeentes Heemstede en Bloemendaal werkt positief, maar of doelstellingen gehaald zijn is niet te zeggen. Dat meldt de Rekenkamercommissie van de gemeente Heemstede in hun onderzoeksrapport van november 2017. De ambtelijke samenwerking tussen de gemeenten werd in 2013 voortvarend opgepakt, waarbij de medewerkers ruimte kregen die samenwerking in te vullen. Er werd gestuurd op klant- en medewerkerstevredenheid en minder op kwantificeerbare gegevens, concludeert de Rekenkamercommissie.

Het onderzoek bestaande uit interviews en documentenanalyse aan de Heemsteedse kant, richtte zich op de bedrijfsvoering, P&O, communicatie, financiën, ICT en juridische zaken. De wijze van sturing heeft onder andere als nadeel dat de samenwerking niet optimaal verloopt en dat een actieve dialoog over de samenwerking tussen het college en de gemeenteraad ontbreekt. Er werd gestart zonder nulmeting en dat is een van de redenen waarom het effect van de samenwerking niet goed is vast te stellen. De samenwerking wordt overigens beperkt door de randvoorwaarde van een altijd mogelijke ontvlechting. Dat komt omdat beide gemeenten behoud van zelfstandigheid nastreven.

De doelstelling van de samenwerking: het verbeteren van de kwaliteit van dienstverlening met een hogere efficiëntie en het verminderen van de kwetsbaarheid, blijkt niet bij alle medewerkers bekend te zijn. Omdat tijdsbesteding en financiële kosten niet in kaart zijn gebracht, met uitzondering van specifieke ICT-investeringen, is een kosten/baten analyse niet mogelijk.

De Rekenkamercommissie stelt dat sommige processen in beide gemeenten gelijkgeschakeld zijn en dat specialisatie is ontstaan door samenvoeging van teams . De samenwerking zou de kwetsbaarheid verminderen en inhuur minder noodzakelijk maken. Dit kan een kostenbesparing opleveren. Over de samenwerking op ICT-gebied stelt de Rekenkamercommissie vast dat die verbetering behoeft in de aansturing, verantwoordelijkheden en besluitvorming. Het verschil in gebruik van applicaties in de gemeenten is erg groot. Meer transparantie over kosten, opbrengsten en risico's is noodzakelijk.

De commissie concludeert dat het onderwerp in de raad niet erg leeft. Er is na de start van de samenwerking slechts 1 schriftelijke vraag gesteld. De raad had zijn controlerende taak wat dat betreft intensiever kunnen uitoefenen en het college had de raad actiever kunnen betrekken bij de voortgang. De Rekenkamer beveelt aan duidelijke doelen en toetsingscriteria op te stellen en te laten bekrachtigen door de raad, waarbij een mogelijke ontvlechting uitgangspunt moet zijn. Mogelijke samenwerkingsvormen zouden in kaart gebracht moeten worden, zodat daarover in een volgende raadsperiode besloten kan worden. Een routeplan zou hieraan toegevoegd moeten worden.